Pajottenland.be Proef al het lekkers Toerisme Pajottenland en Zennevallei Regionaal landschap Pajottenland en Zennevallei Pajottenland+
 

Leader 2000 - 2006

Het Communautaire Initiatief voor plattelandsontwikkeling Leader+ (2000 - 2006)

Leader staat voor: Liaisons Entre Actions de Développement de l'Economie Rurale.

 

Leader+ (2000 - 2006) is, na Leader I en Leader II, nu al het derde communautair initiatief van de Europese Commissie inzake plattelandsontwikkeling. Het wil plattelandsactoren aanzetten om na te denken over het potentieel van hun gebied en hen ondersteunen in de realisatie van geïntegreerde en innovatieve projecten. Het is opgebouwd rond drie onderdelen:

  • gebiedsgebonden, geïntegreerde strategieën voor plattelandsontwikkeling met een experimenteel karakter. Binnen dit onderdeel wordt steun gegeven aan gebieden die een geïntegreerde ontwikkelingsstrategie wensen uit te voeren vanuit een representatief partnerschap en toegespitst op een thema dat kenmerkend is voor de identiteit van het betrokken gebied.
  • samenwerking tussen plattelandsgebieden
  • netwerkvorming

Zowel Leader I als Leader II hebben geleid tot dat wat de Europese Unie noemt: de Leader-methode. Lokale groepen nemen de verantwoordelijkheid om gebiedsgebonden, via een geïntegreerde en participatieve benadering nieuwe en/of creatieve manieren van plattelandsontwikkeling te bedenken én uit te voeren. Leader+ (2000-2006) blijft de rol van laboratorium vervullen en wil de invoering en het testen aanmoedigen van nieuwe benaderingswijzen voor een geïntegreerde en duurzame ontwikkeling die het plattelandsontwikkelingsbeleid in de Gemeenschap kunnen beïnvloeden, aanvullen en/of versterken.

 

Alle plattelandsgebieden kunnen bij hun Lidstaat een aanvraag indienen. De aanvraag is vergezeld van een ontwikkelingsplan. Dit plan moet voldoen aan drie criteria:

  1. De voorgestelde ontwikkeling moet geïntegreerd zijn en bij voorkeur betrekking hebben op één van de vier vooropgestelde thema's:
    • Het gebruik van nieuwe know how en van nieuwe technologieën om de producten en diensten van de plattelandsgebieden meer concurrentieel te maken;
    • de verbetering van leefkwaliteit in de plattelandsgebieden;
    • de valorisatie van de plaatselijke producten, met name door via collectieve maatregelen de toegang tot de markten voor kleinschalige productiestructuren te vergemakkelijken;
    • de valorisatie van de natuurlijke en culturele hulpbronnen, met inbegrip van de valorisatie van de in het kader van Natura 2000 aangewezen gebieden van communautair belang.
  2. De voorgestelde ontwikkeling moet economisch levensvatbaar en duurzaam zijn.
  3. De voorgestelde ontwikkeling moet een experimenteel karakter hebben.

In Vlaanderen werden in 5 plattelandsregio's - één per provincie - plaatselijke groepen geselecteerd die met de toegewezen Vlaamse en Europese middelen ontwikkelingsprogramma's moeten realiseren in samenwerking met lokale actoren.

Leader+ toegepast in Vlaanderen

Het communautaire initiatief Leader+ wil plattelandsactoren laten nadenken over het potentieel van hun gebied in een langere-termijn perspectief. Het beoogt de ontwikkeling en ondersteuning van kwalitatief hoogstaande, geïntegreerde, originele strategieën voor een duurzame plattelandsontwikkeling die tot doel hebben te experimenteren met nieuwe vormen van:

  • valorisatie van natuurlijk en cultureel erfgoed;
  • verbetering van de economische onderbouw om bij te dragen tot schepping van nieuwe werkgelegenheid en
  • verbetering van het organisatievermogen van een lokale gemeenschap.

Het initiatief wordt beschouwd als een experimenteel laboratorium voor en een aanvulling op de mainstream-programma's voor plattelandsontwikkeling*. Ook wordt sterk de nadruk gelegd op samenwerking en netwerkvorming tussen de plattelandsgebieden.

 

Er zijn vijf Leader+-gebieden in Vlaanderen, één in elke provincie:

  • Het Brugse Ommeland
  • De Antwerpse Kempen
  • Het Meetjesland
  • Midden-Maasland
  • Het Pajottenland

Activeringscel

Tussen de plaatselijke groepen (PG's), maar ook tussen de diverse actoren die binnen deze gebieden meewerken aan de realisatie van de ontwikkelingsplannen moet een netwerk worden opgezet waarbinnen ervaringen, realisaties en allerlei interessante informatie met betrekking tot Leader+ wordt uitgewisseld. Tevens dienen deze gegevens actief te worden uitgewisseld met actoren actief op het vlak van plattelandsontwikkeling buiten de in Vlaanderen geselecteerde Leader+gebieden.

Om dit luik van het Leader+programma te realiseren werd door het Vlaams Gewest een Activeringscel in het leven geroepen met een dubbele opdracht:

  1. Het oprichten van een cel die de activering van de netwerkvorming beoogt, door o.a.
    • het verzamelen en oplijsten van initiatieven in het kader van plattelandsontwikkeling;
    • het analyseren en verspreiden van informatie binnen het Vlaams Gewest van overdraagbare goede praktijkvoorbeelden;
    • het organiseren en uitwisselen van ervaringen en knowhow, meer bepaald ten gunste van minder ervaren gebieden;
    • het verlenen van technische bijstand aan interterritoriale en transnationale samenwerkingsverbanden.
  2. Het ontwikkelen van een website die fungeert als doorgeefluik en informatiekanaal voor plaatselijke groepen, geïnteresseerden en het ruime publiek.

Deze opdracht werd toevertrouwd aan de Tijdelijke Vereniging gevormd door de vzw Vlaamse Landmaatschappij en het Netwerk Platteland.

 

Meer info vind je op www.leadervlaanderen.be.